• Calimero en/of Rémi?

    Om nog even terug te komen op de blog van 2 september j.l. over ontwikkelingsdiscrepantie:

    Ben ik te klein?
    Ben ik te eenzaam?

    ‘Alsof je in een broek loopt waarvan de ene pijp drie maten te klein is en de andere pijp zes maten te groot’ benoem ik in mijn werk dit fenomeen vaak als voorbeeld. Zie daar maar eens in vooruit te komen. En toch hebben we dat jaren en jaren gedaan. En hebben we er nog moeite mee afscheid te nemen van die broek ook!

    Ben ik te klein? Ben ik te eenzaam?

  • Ontwikkelingsdiscrepantie

    Werk dat gebaseerd is op ondervinding en ervaring – experience based werk – is een heel bijzondere manier van werken. Zeker als je, zoals in mijn geval, pioniert. ‘Ik ben bezig Verlaat Verdriet idioom te geven‘ geef ik vaak ten antwoord als mensen me vragen wat voor werk ik doe en wat mijn werk inhoudt. Woorden en begrippen zoeken voor ervaringen en gevoelens die verband houden met de gevolgen van jong ouderverlies. Woorden en begrippen die voortkomen uit ondervinding en ervaring in plaats van uit (theorie)boeken.

    Een proces dat mij op veel verschillende manieren bezig houdt. Een boeiend proces ook. Soms ineens is er een woord dat ik zou willen gebruiken. Helemaal bevredigend is zo’n woord of begrip soms niet. Hoe kom ik eigenlijk aan dat woord? Waar komt het vandaan? Bestaat het wel? Bestaat het niet? Is het jargon? Jargon uit de psychiatrie? Uit de psychologie?

    Op een dag duikt zo’n woord in me op. Soms ’s ochtends vroeg al als ik wakker word. Ineens is het er. Maar wil ik er iets mee?  Kan ik er iets mee? Klopt het? Wil ik het gebruiken? Is het een goed woord? Is het een woord dat de potentie heeft om te ‘incarneren’? Een woord dat ergens voor staat? Dat ergens voor kan gaan staan? Dat je je eigen maakt en dat op een dag deel uit maakt van je woordenschat?

    Soms zakt zo’n woord weer weg. Soms zo ver weg dat ik me van het bestaan ervan niet eens meer bewust ben. En dan, soms een jaar of langer later, is het er weer en dan moet ik er echt iets mee.

    Ontwikkelingsdiscrepantie is zo’n woord. Bestaat het? Is het een gangbaar woord? Even Googlen en het eerste antwoord is er: nee, het is geen gangbaar woord. Kan ik het gebruiken dan?

    Ruptuur

    “Ik was ineens kind af.”

    “In één klap was mijn jeugd voorbij.”

    “Er was voor altijd een ervoor en een erna.”

    Deze – en vergelijkbare opmerkingen – kun je vaak horen van Verlaat Verdriet-ers. Ineens. Abrupt. Geen kind meer. Emotioneel bleven veel Verlaat Verdriet-ers in meerdere of in mindere mate stilstaan na de ruptuur – de onomkeerbare scheiding van de ouder die overleed. Terwijl je tegelijkertijd moest gaan functioneren op een niveau waarvoor je (bij lange na) niet was toegerust. Discontinuïteit, onveiligheid namen de plaats in van geestelijke geborgenheid. Van vertrouwen. In plaats van zorg en aandacht te ontvangen ging je zorg en aandacht geven. Je paste je, door de dood gedwongen, aan je nieuwe omstandigheden aan. De lange eenzame weg, het gevoel dat je altijd alles alleen moet doen nam een aanvang.

    Ontwikkelingsdiscrepantie

    Ontwikkelingsongelijkheid zou je het kunnen noemen, maar zelf geef ik de voorkeur aan ontwikkelingsdiscrepantie. Ontwikkelingsstoornis is een woord, een begrip, dat misschien eerder gebruikt zou worden in de wereld van theorie-gebaseerde professionals. Voor mijn gevoel echter doet het woord ontwikkelingsstoornis onvoldoende recht aan de kracht die Verlaat Verdriet-ers in hun jeugd hebben opgebracht om zich te kunnen handhaven en de kwaliteiten die ze, als gevolg daarvan, hebben ontwikkeld. Ook al zijn die kwaliteiten als je volwassen bent geworden nog zo aan herwaardering toe. In Verlaat Verdriet-verband geef ik dus de voorkeur aan ontwikkelingsdiscrepantie. Zie hier een voordeel van experience-based idioom geven!

     

  • | | |

    De draad enzovoort

    Terug van drieënhalve week vakantie op Terschelling. In de loop van de weken verdween mijn Verlaat Verdriet-werk langzaam maar zeker naar de achtergrond. Niet meer vierentwintig uur van de dag aanwezig. Hoewel: helemaal weg is het nooit, ook niet na ruim drie weken vakantie op Terschelling. Ook niet in een intensieve vakantietijd van wisselend gezelschap met even wisselende avonturen.

    En dan, sinds afgelopen woensdag, is de vakantie weer voorbij en ben ik terug in Nunspeet. En moet ik langzamerhand weer terug naar het werk waarmee ik bezig was voor ik naar Terschelling vertrok. Maar ojee, al dat werk, al die klussen van uiteenlopende aard. De nieuwe site: er is nog wel een en ander te doen, maar hij moet er nu eindelijk ook eens zijn. De nieuwe basiscursus: Voor de verandering. Ruimte bespreken. Readers maken enzovoort. De workshops. De nieuwe cyclus van De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet die we medio oktober van start willen laten gaan en die nog nieuwe aanmeldingen nodig heeft om daadwerkelijk van start te kunnen gaan. De nieuwe delen van de Amor Fati-reeks die al zo lang liggen te wachten op inhoud. Bestaande samenwerkingsverbanden uitbouwen en verder vorm geven, nieuwe samenwerkingsverbanden aangaan. De draad weer oppakken dus!

    Een beetje veel allemaal – vooralsnog schuif ik dat naar komende week, alleen de lopende zaken krijgen op dit moment de aandacht die ze nodig hebben. En de tuin. Gelukkig is de ruimte die bij mijn huis hoort deel van het werk dat ik doe. Het moet er allemaal goed en verzorgd uit zien. En dus doe ik de komende dagen klussen in de tuin – en ben ik toch met mijn werk aan het werk.

  • Last of geen last

    Regelmatig kom ik het tegen: de veronderstelling dat de meeste mensen ‘er geen last van hebben’. (van de gevolgen van jong ouderverlies).
    Maar is dat waar? En als dat waar is: hebben de meeste mensen er dan geen last van omdat ze zich niet bewust zijn van hun overlevingsstrategieën? Hebben ze geleerd zich zo aan te passen dat ze geen idee meer hebben dat ze zich in een voortdurende cyclus bevinden van aanpassen en blijven ze zich aanpassen tot ze zich ervan bewust zijn geworden wat ze in werkelijkheid aan het doen zijn en waarom?
    En als je ‘er geen last van hebt’, betekent dat dan ook dat je er niet mee bent belast?