• | |

    Niet in het verleden graven. Een praktijkvoorbeeld

    Een tijdje geleden werd ik gebeld. Vrouw. Eind veertig. Verloor jong haar beide ouders.

    We hebben een vrij lang gesprek. ‘Ik werk al een tijdje niet’ vertelt ze me. ‘Ik ben gaan zoeken op het web, want ik moet iets gaan doen. En toen vond ik jou. Ik wist niet dat dit bestond. Het (Ver)Werkboek heb ik besteld en ik heb de Herinneringsboeken gedownload. Maar nu weet ik niet goed wat ik ermee moet doen. Zelf weet ik eigenlijk helemaal niets van mijn ouders. De broers en zussen van mijn moeder zijn allemaal al lang dood. En van mijn vaders kant leeft nog maar één iemand, en die is mentaal te ziek om nog iets aan te kunnen vragen.
    Twintig jaar geleden had ik contact met een psycholoog. Zelf wilde ik toen op zoek gaan naar herinneringen aan mijn ouders. Mijn ooms en tantes leefden toen nog allemaal.’

    ‘Nee’, zei de therapeut. ‘Dat gaan we niet doen. We gaan niet graven in het verleden. Dan komt er veel te veel ellende naar boven’.
    ‘Had ik maar niet naar hem geluisterd. Nu is er niemand meer die ik kan vragen naar mijn ouders. Niemand meer van de broers en zussen van mijn moeder. Niemand meer van de broers en zussen van mijn vader die nog iets kan vertellen’.

    Ach‘, denk je als lezer misschien. ‘Da’s twintig jaar geleden. Dat gaat tegenwoordig allemaal heel anders.’
    Fout gedacht, beste lezer. Ook in de huidige tijd zeggen hulpverleners rustig tegen een Verlaat Verdriet-er:
    ‘Verliezen horen bij het leven. Daar gaan we niet in graven.’ (Ik verzin dit niet).

     

  • | |

    Ongewenste moeder. Een praktijkvoorbeeld

    Mij moest ze op de koop toenemen‘. Het is de eerste zin die M. uitspreekt tijdens een telefoongesprek een paar jaar geleden. M. was twee jaar toen haar moeder overleed. Tot de dood van haar moeder had ze een heel gewoon en goed kinderleven. M. was het eerste kind van haar ouders. Ze waren gelukkig met haar. Na de dood van zijn vrouw – de moeder van M. –  vond haar vader binnen de kortste keren een nieuwe partner. Een nieuwe vrouw, die het al aanwezige tweejarige kind M. ‘erbij moest nemen’. ‘Stiefmonster‘ noemde M. de tweede vrouw van haar vader. Een ongewenste moeder. Haar vader koos vanaf haar komst voor zijn nieuwe vrouw. Altijd, in ieder geval voor het gevoel van M.

    Op het moment dat ik M. spreek is ze halverwege de vijftig jaar. M.’s leven is een aaneenschakeling van depressies geworden, ondanks het feit dat ze met haar man en kinderen in welstand leefde. Meer dan eens deed ze een poging zichzelf het leven te benemen.

    Adoptie bezien we vrijwel altijd vanuit het perspectief van de volwassene: de volwassene adopteert het kind. In mijn Verlaat Verdriet-werk heb ik geleerd het andere perspectief ten minste te benoemen: een adoptie slaagt als het kind – hoe jong het ook is – de ouder adopteert. Hoe anders dan een adoptie-proces verloopt een acceptatie-proces van een nieuwe partner, als een ouder is overleden. Bij adoptie zijn twee volwassen mensen voornemens een kind in hun leven op te nemen. Ze gaan voor het kind. Hebben er alles voor over om een kind een plaats te geven in hun leven. Het kind een goede toekomst te bieden, die de eigen ouders het kind niet kunnen bieden. Na de dood van een ouder is er een gat gevallen in een jong gezin, dat vaak wordt opgevuld met een nieuwe partner.
    De kinderen die er al zijn? Tja: die zijn er al.

    Mij moest ze op de koop toe nemen‘ M. is bij lange na niet de enige Verlaat Verdriet-er voor wie de dood van de ouder nog heel veel vervolg-ellende in petto had.

    M. heeft het tenslotte niet gered. Ze is inmiddels overleden. Haar laatste poging slaagde.
    Stiefmonster‘ – een benaming die ik nooit zal vergeten.

     

  • | | | | | |

    2014: Geplande nieuwe Verlaat Verdriet-titels

    Ellen, wil je samen met mij een boek over Verlaat Verdriet en verlate rouw bij Verlaat Verdriet uitbrengen?’ Voorjaar 2013 leerde ik Ellen Vogel kennen. Freelance journalist en ghostwriter van haar vak.
    Het klikte meteen tussen ons.

    Vorige week was ik op Terschelling aan het werk aan mijn nieuwe cursus De kunst van het losmaken toen ik ineens bedacht: NU! NU stuur ik een app-je naar Ellen om aan haar te vragen ‘Ellen, wil je samen met mij een boek over Verlaat Verdriet en verlate rouw bij Verlaat Verdriet uitbrengen?’
    Onmiddellijk kwam Ellen’s antwoord: JA.
    En we zijn aan het werk!
    Een nieuwe titel.
    Een nieuwe opzet voor het boek.
    Werkverdeling: Ellen schrijft. Ik lever kennis aan.

    Inmiddels al een aantal jaren geleden bracht ik mijn Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek uit. Eigenlijk was mijn planning voorafgaand aan het (Ver)Werkboek een algemener boek uit te brengen over Verlaat Verdriet en verlate rouw. (Waar gaat Verlaat Verdriet eigenlijk over? Welke gevolgen van jong ouderverlies kom ik in mijn werk altijd weer te tegen? Welke kenmerken? Welke invloeden? Enzovoort, enzovoort).
    Toen, in die tijd, lukte me dat niet. Ik begrijp nu de oorzaak daarvan. In de tijd dat het ik het (Ver)Werkboek uitbracht, had ik ruimschoots de nodige kennis, maar had ik mijn kennis van de gevolgen van jong ouderverlies nog niet zodanig ‘geïncarneerd’ dat ik daar een even beschrijvend, gemakkelijk toegankelijk boek als een goed gefundeerd boek van kon samenstellen.

    De Amor Fati-reeks is weer een verdiepende stap, aanvullend aan het (Ver)Werkboek.  Je zou dus kunnen zeggen II – het (Ver)Werkboek en III – de Amor Fati-reeks – waarvan het eerste boek Teruggaan, om verder te kunnen reeds verschenen is, zijn er al. Beetje gek, maar I, het algemenere boek, ontbrak nog steeds.

    Daar gaan we dus nu drastisch verandering in brengen. Ellen en ik concipiëren samen Boek I, dat – naar planning – eind 2014 gaat verschijnen.
    En zie: nu we samen aan het werk zijn en bezig zijn de synopsis voor dit nieuwe boek te schrijven, valt er voor de Amor Fati-reeks ineens iets op z’n plek.
    Nu kan ik verder kan met het voorbereiden en schrijven aan een volgend deeltje van deze reeks. De volgorde in het uitgeefplan van deze reeks verandert, en ineens is de blokkade die ik voelde weg. Het tweede deeltje (dat ik inmiddels al drie keer heb geschreven en waarover ik  nog steeds ontevreden ben) gaat naar een andere plaats. En later gepland deeltje schuift naar voren.
    Zo simpel kan het zijn!

    Voor 2014 dus: nieuwe plannen voor twee nieuwe boeken bij Uitgeverij Funale.

    En: Ellen – geweldig om dit samen te doen!

  • | |

    Informatieavond Verlaat Verdriet in Nunspeet donderdagavond 16 januari 2014

    Vorige week begeleidde ik mijn partner naar zijn huisarts, in een van de twee gezondheidscentra in Nunspeet. Mijn eigen huisarts houdt praktijk in het andere gezondheidscentrum. De praktijk waar ik nu was, is een voor mij tamelijk onbekende plek. Het wachten duurde lang en ik liep wat rond om mezelf wat te vermaken. Ineens zag ik de naam van de eerstelijnspsychologe op het raam staan, die haar praktijk in dit gezondheidscentrum heeft. Ik ken haar niet, heb haar nooit ontmoet. ‘Daar zou ik toch eens verandering in moeten brengen’, bedacht ik me.

    Al een tijdje zijn we – met een paar mensen – bezig een goed, nieuw PR-plan voor Verlaat Verdriet te creëren. ‘Dan moet ik toch op z’n minst in mijn eigen dorp weer eens aan de weg timmeren’, realiseerde ik me. Bijvoorbeeld door contact te leggen met deze psychologe. Thuisgekomen belde ik haar meteen op. En overdonderde haar nogal. Was ook wel een beetje impulsief van me.

    Desalniettemin: na mijn Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek bij haar afgeleverd te hebben, een enkel mailtje heen en weer en een life-afspraak afgelopen vrijdag zijn we al aardig concreet geworden. En wat blijkt: deze psychologe is meer dan enthousiast over mijn idee. Zeker gezien de ontwikkelingen op het gebied van de geestelijke gezondheidszorg zoals de minister die voor ogen heeft, zo vertelde ze me. Eerlijk gezegd: een beetje beduusd van zoveel enthousiasme was ik wel. Dat maak ik niet vaak mee. Enthousiasme voor Verlaat Verdriet door een buitenstaander – al is het in dit geval een relatieve buitenstaander. Dat gebeurt me niet vaak.

    Wel zullen we nog wat organisatorisch werk moeten verrichten – maar dat komt zeker voor elkaar. En ik vermoed nog wel een addertje onder het gras. Maar daarover later, mocht dit addertje zich inderdaad gaan vertonen.
    Aan de psychologe zal het niet liggen.
    Haar enthousiasme is hartverwarmend.

    Datum en plaats

    Over de datum waren we het snel eens: donderdagavond 16 januari 2013.
    Over de plaats eveneens: Gezondheidsplein De Enk in Nunspeet, tegenover het NS-station.

    Meer informatie

    Meer informatie over deze avond: begin januari 2014.