• | | |

    Waar komt toch die aanname vandaan?

    Waar komt toch die aanname vandaan?
    Welke onderzoeken wijzen dit uit? De aanname bij wetenschappers dat de meeste kinderen die jong een ouder verliezen dat kunnen verwerken? (in hun jeugd?).
    Wie heeft die onderzoeken gedaan? Waar? Waar zijn die onderzoeken? Wat staat daar in?

    Recent meldt onderzoeker/specialist op het gebied van kinderen, jongeren en verlies dr. Mariken Spuij het weer in het artikel in Volkskrant Magazine van 11 november 2023 ‘De meeste kinderen en jongeren die een ouder verliezen lukt het dit zelf te verwerken.’
    In het artikel in Volkskrant Magazine drie interviews. Verhalen van jonge ‘wezen’. Heftige verhalen. Van wie je, al lezend, bij een van de ‘wezen’ ontdekt dat ze helemaal geen wees is (hoe onzorgvuldig kun je zijn?). Wat overigens niet wegneemt dat het verhaal van deze ‘wees’ ook een heftig verhaal is. Maar: als één van je ouders nog leeft, ook al woont die ouder in het buitenland, dan ben je geen wees. Dan ben je een zogeheten ‘halfwees’. Dan ben je iemand die jong een ouder is verloren door overlijden. En dan ben je dus, volgens wetenschappelijk onderzoek, in staat dat verlies (in je jeugd) te verwerken.

    Waar komt toch die aanname vandaan?

    Steeds opnieuw de verbazing bij Verlaat Verdriet-ers die ik ontmoet in mijn Verlaat Verdriet-werk. In mijn workshops. Met name bij Verlaat Verdriet-ers die zelf werkzaam zijn als wetenschapper. Als onderzoeker. Docent. Als psycholoog. Als orthopedagoog.
    Waar komt toch die aanname vandaan?
    Over welke onderzoeken gaat dat?
    Wie heeft die onderzoeken gedaan?
    Waar?

    Hoe is het mogelijk dat kennelijk nooit en nergens een wetenschapper zich afvraagt: ‘Doen wij het wel goed?’ ‘Klopt het eigenlijk wel wat wij doen?’
    ‘Bevragen we ooit volwassenen die in hun jeugd een ouder hebben verloren door overlijden?’
    ‘Op welke aannames baseren we onze onderzoeken eigenlijk?’
    ‘Waar en hoe vinden we de mensen die we zouden kunnen ondervragen?’
    ‘Wat willen we dan weten?’ ‘Welke vragen zijn dan relevant?’

    Ongestelde vragen

    Of kinderen die een ouder verliezen daar later nog last van kunnen hebben is een onbeantwoorde vraag.’ las ik een aantal jaren geleden in een artikel van de hand van Mariken Spuij bij de presentatie van haar proefschrift in boekvorm.
    Bij wetenschappers: ja, kennelijk.
    Maar zou het kunnen zijn dat die stelling meer te maken heeft met ongestelde vragen dan met onbeantwoorde vragen?
    Wij: volwassen ‘ervaringsdeskundigen’ hebben namelijk een heleboel antwoorden als de juiste vragen worden gesteld.

    Lees meer

    Onderzoeken die Mariken Spuij recent aan mij heeft doorgegeven

    ‘Er wordt geluisterd en er is recent mooi onderzoek gedaan (retrospectief dat wel…). Waarbij ik opmerk dat er tegenwoordig grote cohorten kinderen gevolgd worden (niet specifiek gericht op verlies) dus wellicht kunnen we over 20,30,50 etc jaar veel beter dingen zeggen. Het zal echter altijd genuanceerd zijn en blijven. De mens en zijn context zijn immers complex.’

    ‘Ik wijs je graag op recente publicaties. Stapje voor stapje komt er meer data. Maar nogmaals retrospectief… en niet prospectief…’

    Je vroeg naar de bronnen waar de journaliste zich op baseert. Zij baseert zich echter op iets anders van Bonnano. Ik heb het even voor je nagevraagd.

    https://www.researchgate.net/publication/5607614_The_Human_Capacity_to_Thrive_in_the_Face_of_Potential_Trauma

    Mijn dank aan Mariken Spuij!

    Rouw bij kinderen en jongeren 

  • | | |

    HELP! Ik ben dus niet zo uniek!

    ‘Ik ben niet de enige.’ Voor veel Verlaat Verdriet-ers is het een opluchting te merken dat ze niet de enige zijn die in hun jeugd hun ouder(s) verloren. En niet de enige die daar nu nog mee worstelen. Ook al besefte je zelf misschien allang dat je (waarschijnlijk) niet de enige was die jong je ouder(s) verloor: ook dan had je mogelijk diep van binnen nog steeds het gevoel dat je toch de enige was. Dat je toch de enige bent.

    Eenzaamheid

    Voor heel veel Verlaat Verdriet-ers een opluchting. Maar niet voor allemaal. In één van de eerste workshops ooit, een workshop voor dochters zonder moeder, riep een deelneemster op de laatste dag  ‘HELP! Ik ben dus niet zo uniek! Wat een schok voor me, om hier te ontdekken dat ik helemaal niet zo uniek ben als ik altijd heb gedacht. Dat ik helemaal niet zo bijzonder ben’. Ze moest er zelf hartelijk om lachen. Maar de ontdekking deed ook pijn En die pijn kon je ook horen in haar lach. Ineens kon ze het voelen. ‘Er wordt iets van me afgenomen. Iets waar ik goed beschouwd stevig aan was gehecht. Wat me ook heel dierbaar was. Mijn gevoel anders te zijn dan anderen. Een uniek exemplaar te zijn van de menselijke soort.’ Tegelijkertijd besefte ze welk prijskaartje daar altijd aan had gehangen. EENZAAMHEID. Het gevoel er niet bij te horen. Geen deel te zijn van een groter geheel. Geen deelnemer te zijn. Er niet toe te doen. Altijd een buitenstaander.

    Overeenkomsten

    Haar ontdekking indertijd deed ook iets met mij. Ineens zag ik de overeenkomsten met mijzelf. Hoe ik ook altijd dacht anders te zijn dan anderen. Totdat ik, dankzij mijn jarenlange Verlaat Verdriet-werk, ontdekte dat dit een Verlaat Verdriet-patroon is. Dat wij, Verlaat Verdriet-ers, helemaal niet zo uniek zijn. Integendeel. Dat we heel veel overeenkomsten hebben. Niet alleen als mens, maar ook in de (overlevings-)patronen die we hebben ontwikkeld. Ik ontdekte hoe eenzaam het idee anders te zijn dan anderen – uniek te zijn – je maakt als mens. Als individu. Ik realiseerde me hoe hoog de prijs is van de existentiële eenzaamheid die wij betalen voor onze vermeende uniciteit (en dan bedoel ik hier niet alleen Verlaat Verdriet-ers!).

    Identiteit

    Wat mij, in de loop van mijn Verlaat Verdriet-werk ook steeds duidelijker is geworden, is de hardnekkigheid van deze patronen. Zoals die gevoelens van anders zijn. Er niet bij te horen. Geen deel te zijn. Een buitenstaander. Gevoelens die zich in de loop van je jeugd – en van je verdere leven – in je hebben vastgehecht in de vorm van hardnekkige overtuigingen. Die deel uit zijn gaan maken van je identiteit. Van wie je bent geworden. Die steviger in je verankerd zijn geraakt naarmate je jonger was toen je je ouder verloor.

    Vragen

    Durf je het aan in de spiegel te kijken? Je hardop af te vragen:

    • Ben ik echt zo anders?
    • Is mijn verhaal echt zo uniek?
    • Ben ik mijn verhaal?
    • Wil ik voor altijd de tol van eenzaamheid blijven betalen?
    • Durf ik patronen los te laten?
    • Wat heb ik nodig om dit te kunnen veranderen?

    Lezen

    Teruggaan om verder te kunnen

    Zien en horen Rouw kent geen tijd

  • | | |

    Als ze er niet is: Wieke Kapteijns

    Als ze er niet is

    Zojuist kreeg ik een tip in verband met de documentaire Als ze er niet is. Ik geef de tip graag aan je door.
    Vanavond, zondag 5 november 2023, EO

    Wieke Kapteijns

    Na het overlijden van zijn moeder bleef Wieke Kapteijns achter met een zwijgzame vader, twee jongere zussen en een beeld van zijn moeder dat door de tijd heen steeds verder vervaagde. Met deze documentaire probeert hij een reconstructie te maken van de vrouw die zijn moeder ooit was.  Aan de hand van objecten, foto’s, homevideo’s en found footage ontstaat langzaam een beeld. Bovendien ontdekt hij voor het eerst wat hij eigenlijk mist.

    Reconstructie van een moeder

    Met de film Als ze er niet is probeert Wieke Kapteijns het beeld van zijn overleden moeder te reconstrueren. Terwijl hij opgroeide, werd er thuis met zijn twee jongere zussen weinig over haar gepraat. Ook zijn vader zweeg. Het beeld van zijn moeder vervaagde in de loop der jaren.

    Kapteijns begint zijn film met de vraag: ‘Wat is eigenlijk een moeder?’ Hij gaat bij mensen in zijn omgeving te rade. Hij vraagt naar hun ervaringen met hun moeders, en naar hoe zij het begrip ‘moeder’ definiëren. Hij zoekt naar beelden van moeders in de kunst. Pas daarna volgen gesprekken met zijn vader en een voorzichtige stap naar de vele foto’s, filmpjes en spullen die er van zijn moeder zijn.

    Lees meer

    Lees met hele interview met Wieke Kapteijns Reconstructie van een moeder

    Recensie

    CineMagazine

  • | | |

    Uit je hoofd, in je lijf

    Een paar weken geleden liep ik door Equi Terme. Een klein – deels middeleeuws – dorp, op 10 kilometer afstand van Codiponte. Een bergdorp in de Apuaanse Alpen. Ook in Equi Terme wordt het wereldberoemde witte marmer van de Apuaanse Alpen gewonnen (de marmergroeven van Carrara liggen aan de andere zijde van de bergrug).
    Zoals de naam al zegt is Equi Terme een plaats met – al sinds de Romeinse tijd – een thermaal bad. Met natuurlijke bronnen. En met een grot die in de pre-historie al bewoond is geweest. Zoals dat hoort bij een badplaats, heeft ook Equi Terme een promenade. Langs de promenade staan twee wit-marmeren beelden. Het ene beeld (hierboven) is een vrouwen-figuur dat een enorm uitgedijd hoofd torst. Een blokhoofd, zeg maar. Ik zag het beeld en dacht meteen: Verlaat Verdriet. Foto maken. Blog schrijven. Wat een herkenbaar symbool!

    In je hoofd

    Altijd weer is ‘in je hoofd zitten’ een groot thema voor Verlaat Verdriet-ers. Je kent het gebaar vast wel. Je handen links en rechts naast je hoofd. Vervolgens een hand boven je hoofd en een hand onder je kin. Om aan te duiden: IK ZIT ALTIJD IN MIJN HOOFD.

    Uit je hoofd

    Wat kun je ernaar verlangen uit je hoofd te komen. Uit die gedachten die eeuwig in je hoofd lijken rond te draaien. Hardnekkige overtuigingen. Negatieve oordelen. Over jezelf. Over andere mensen. De wereld om je heen. Over schuld. Over verantwoordelijkheid. Angst. Boosheid. Wanhoop.
    Gevoel & verstand.
    Je bent er moe van. Doodmoe. Je wilt wel anders. Maar hoe?

    In je lijf

    Ongetwijfeld niet toevallig staat naast het beeld met het ‘blokhoofd’ een ander – ook marmeren – beeld. Eveneens een vrouwenfiguur. Deze vrouwenfiguur strekt zich schijnbaar moeiteloos uit over haar linkerbeen. Heeft haar voet vast. Kijkt verwachtingsvol de wereld in.

    Steeds meer komen we tot de ontdekking dat alleen psychologische hulp niet toereikend is. In ons hoofd weten we het allemaal wel. Maar in ons gevoel …….. Hoe bang zijn we om te voelen. Contact te maken met ons lijf. Te voelen dat we bestaan. Dat we er zijn. ‘Ik voel niks’ hoor ik Verlaat Verdriet-ers vaak roepen. ‘Ik kan niet bij m’n gevoel! komen!’ De wanhoop hoor je in hun stem. Alsof dat niet voelen is!
    Voelen kun je leren. Een eerste stap is al je te realiseren hoe wanhopig je je kunt voelen als je denkt dat je niet kunt voelen. Je voelt wel. Je voelt alleen niet wat je zou willen voelen. Dat kun je ook niet voelen. Je gevoelens van wanhoop, van twijfel, van cynisme zitten ervoor.

    Doen

    Ga eens voor de spiegel staan.
    Zie jezelf eens dat gebaar maken waarmee je zichtbaar maakt ‘Ik zit in m’n hoofd.’
    Kijk in de spiegel.
    Zie jezelf.
    Hoe voelt het om dat te doen?
    Hoe voelt het om dat te zien?

    Ga vervolgens voor de spiegel zitten.
    Strek je been uit.
    Buig je over je been.
    Pak je voet eens vast. Als het je lukt: pak je voet eens liefdevol vast.
    Kijk in de spiegel.
    Zie jezelf.
    Wat zie je nu?
    Wat ervaar je nu?

    Lezen

    Deze website: Gevoel en verstand
    Deb Dana: De polyvagaaltheorie in therapie
    Gabor Maté: Wanneer je lichaam nee zegt
    Peter A. Levine: De stem van je lichaam
    Michel Le Van Quyen: Wat stilte met je hersenen doet
    David Emerson en Elizabeth Hopper: Traumaverwerking door yoga (niet meer in de boekhandel verkrijgbaar)

    Kijken

    Rouw kent geen tijd: Ruptuur