• | |

    Workshop Verlaat Verdriet

    Vanavond begint de Verlaat Verdriet-workshop van 10-12 maart 2011. Ik heb in de week voorafgaand aan de workshop met mezelf afgesproken: als ook maar een van de deelnemers haar of zijn moeder heeft verloren door borstkanker, dan weet ik zeker dat ik pas na de workshop de uitslag wil horen van de punctie die op 1 maart is bij mij is gedaan. Ik weet te goed wat er met me kan gaan gebeuren als ik te horen krijg dat er inderdaad kanker in mijn borst is gevonden: dan kan ik het niet meer in de zijlijn van mijn leven parkeren. En als ik dat niet kan, ben ik niet vrij om me af te stemmen op de deelnemers aan de workshop en wat zij nodig hebben. Er gaat dan te veel ruis van mijn eigen leven een te grote rol spelen, terwijl ik de onzekerheid wel een plaats op de achtergrond kan geven. Tenminste: als ik er in slaag om eerlijk te spreken over de situatie waarin ik mijzelf op dit moment bevindt.
    Natuurlijk heeft een van de deelneemsters haar moeder verloren door borstkanker (ongeveer de helft van het aantal Verlaat Verdriet-ers die ik in de afgelopen decennia heb ontmoet heeft een ouder verloren door kanker, het lag dus voor de hand dat het zo zou zijn). Mijn besluit om de afpraak voor de uitslag te verzetten van de 10e naar de 17e maart is een goed besluit geweest, waar ik helemaal achter sta.

  • | |

    De kunst van het verbinden

    Met Geerte heb ik gisteren afgesproken dat we deze trainingsdag zullen beginnen met een mededeling van mij over de stand van zaken.
    En zeker: mijn mededeling komt hard binnen. Gelukkig staat deze dag vooral in het teken van het delen van de afscheidsrituelen die de deelnemers thuis hebben voorbereid. Tot mijn grote opluchting zie ik dat de aandacht uitgaat naar elkaar. Door het delen van de prachtige afscheidsrituelen voelen we ons intens verbonden. Zo kunnen we opnieuw een mooie dag en een jaartraining met een prachtige groep afsluiten.

  • | |

    Wel of niet?

    Op vrijdag 4 maart hebben we de laatste trainingsdag van de tweede groep van de jaartraining De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet. Zal ik het zeggen? Zal ik het niet zeggen? Kan ik het maken om het niet te zeggen in een groep mensen die als kind een ouder hebben verloren door de dood? Kan ik mijn mond houden? Mag ik zwijgen? Ik bel Geerte om het aan haar voor te leggen. Mijn boodschap komt hard binnen. Net als ik is Geerte jong haar moeder verloren door kanker. Misschien is er helemaal niets aan de hand, zeg ik. Maar mijn gevoel zegt me dat ik het niet kan maken mijn mond te houden, ook al zal deze boodschap waarschijnlijk veel invloed hebben op dit laatste samenzijn met deze groep.

  • | |

    Mammografie

    In de ochtend van deze dag wacht ik mijn beurt af op de röntgenafdeling voor de mammografie. Niks bijzonders aan de hand. De mammografie wordt gemaakt en dan moet ik op de gang wachten of er meer nodig is dan alleen die mammografie. Ik wacht rustig af op die gang. Met mij niets bijzonders aan de hand. Verschrompelde melkkliertjes. Nou ja: dat kan toch op mijn leeftijd en met het bestralingsverleden van vijftien jaar terug? Het wachten duurt lang en roept wel associaties op met vroegere ervaring. Wachten. Wachten. Wachten. Dan word ik binnen geroepen. De mammografie geeft aanleiding voor een echo. Nou ja: beter goed gecontroleerd dan half. De dokter zoekt en zoekt, maar zegt niet veel. Dan zegt hij: ik ga een punctie doen, voor de zekerheid. Ook goed.
    Ik krijg een afspraak voor de uitslag op donderdag 10 maart. Als ik drie kwartier later het ziekenhuis uitloop is er toch ineens heel veel veranderd. Moet ik nou weer? Dat kan toch niet waar zijn?
    Thuisgekomenkijk ik in mijn agenda. Ik zie meteen dat op die dag een workshop start. En, heel ongewoon: ik heb twee workshops vlak achter elkaar gepland. De eerste start op donderdag en loopt door tot zaterdagmiddag, de tweede start op zondagavond en loopt door tot dinsdagnamiddag.
    Ik heb even bedenktijd nodig. De workshops wil ik het liefst door laten gaan. De deelnemers hebben zich al een tijd geleden aangmeld. Het is tijd dat ze de workshp ook echt kunnen gaan doen. Een iemand heeft me net deze week in paniek opgebeld. Ik zie dat je een workshop hebt staan en ik moet. Ik moet nu echt. Ik heb het zo lang uitgesteld, maar als ik nu niet iets doe loopt mijn huwelijk op de klippen.
    Als er met mij niets aan de hand is, is er geen reden om deze beide workshops niet door te laten gaan. Is het wel foute boel, dan kan ik deze workshops niet begeleiden. Ik weet te goed wat er, van binnen, allemaal met je gebeurt. Hoe je van het ene moment op het andere moment een ander soort leven indondert. Als ik de kwaliteit die ik heb – me af stemmen op wat er nodig is in een workshop – niet ten volle kan benutten omdat ik teveel op mijzelf gericht ben, kan ik geen goede workshop bieden en dat is noch voor de deelnemers, noch voor mij goed. Ik leg mijn dilemma voor aan Els. Gelukkig pakt zij meteen haar agenda en zegt: ik kom je assisteren in de tweede workshop. Wat een opluchting! Wat een bereidwilligheid van Els!
    Ik bel het ziekenhuis en zeg dat ik, in verband met werk, de afspraak van de uitslag wil verzetten. Degene die ik aan de telefoon heb sputtert tegen: werk kan toch niet belangrijker zijn dan gezondheid. Maar ik weet het zeker en de afspraak wordt verzet naar 17 maart. Voor mij voelt dat helemaal goed. Ik lig er niet van wakker. Ik kan het goed parkeren en ben eigenlijk niet eens heel erg bezorgd. Ik ben toch helemaal niet aan de beurt voor nog een rondje kanker?