• | |

    De invloed van de magische leeftijd bij Verlaat Verdriet-ers

    ‘Mijn moeder overleed toen ze 27 jaar was. Zelf was ik nog een kleuter. Ik ben er altijd van overtuigd geweest dat het geen zin had om iets te doen. Dat ik ook dood zou gaan op m’n 27e. Ik ben nu 39, en nog altijd verbaasd dat ik mijn moeder heb overleefd.’

    Mijn Verlaat Verdriet-werk was in de aller-verste verte nog niet aan de orde toen ik tijdens een cursus deze vrouw ontmoette. Voor het eerst hoorde ik iemand iets zeggen over het verlies van haar moeder. Ik was perplex. En nog veel perplexer toen ze iets zei wat me bekend voorkwam. Namelijk mijn angst dood te gaan op de leeftijd die mijn moeder had toen ze overleed.

    Borstkanker

    Een angst die bijvoorbeeld tot gevolg had dat ik nooit borst-controle deed, of liet doen. Die angst was te groot voor me. Mijn volwassen hoofd wist heel goed dat het belangrijk was om wel controle te doen. En dat je tegenwoordig niet meer per sé dood hoefde te gaan aan borstkanker, zoals met mijn moeder was gebeurd. Maar mijn kind-hoofd won het. Altijd. Dus ik deed het niet. Tot een van de huisartsen mij met klem aanraadde wel die mammografie te laten maken. Die keer won hij. Maar goed ook. Ik bleek borstkanker te hebben. ‘En ik ga hier niet aan dood’ was mijn eerste gedachte toen ik te horen kreeg dat er een tumor was gevonden in mijn borst. En dat is gelukt. Ondanks inmiddels drie keer borstkanker: ik ben er nog. En gezonder en fitter dan ooit.

    De magische leeftijd

    Je zult inmiddels hebben begrepen waar deze blog over de magische leeftijd over gaat. De leeftijd die je ouder had bij overlijden. De leeftijd die in je ziel gegrift staat. Die nog altijd invloed heeft op jou, en op jouw leven. Bijna alle Verlaat Verdriet-ers met wie ik heb gewerkt weten exact welke leeftijd de ouder had bij overlijden. De meeste van hen kennen die angst niet ouder te worden dan de ouder is geworden. Kennen die merkwaardige gevoelens van onrust in het jaar dat je ouder wordt dan je ouder is geworden. Ga ik het halen ouder te worden? Ga ik het wél redden? Kennen die merkwaardige gevoelens van opluchting als het gelukt is. Als je ouder bent geworden dan je ouder werd. De opluchting. Het gevoel eindelijk vrij te zijn. Bevrijd. Vrij-uit te kunnen leven.

    Je hebt gelijk

    ‘Dat heb ik nooit gehad’ zegt een van de Verlaat Verdriet-ers tijdens het radio-interview van lang geleden. De interviewster vroeg me naar kenmerken van jong ouderverlies. Ik noemde de magische leeftijd. ‘Nou nee hoor’, zegt de genoemde Verlaat Verdriet-ster. ‘Dat heb ik nooit gehad.’ Na afloop van het interview komt ze naar me toe. ‘Je hebt gelijk’ zegt ze. Je hebt echt gelijk. Ik heb me alleen nooit gerealiseerd dat het dat was.’

  • |

    Verschil tussen verdringen en verwerken (?)

    In 2009, in dezelfde voorjaars-tijd van het jaar, bleek ik voor de tweede keer borstkanker te hebben. Andere borst. Andere kanker. Opnieuw bestralingen. In het ziekenhuis in Arnhem. Zelfde afdeling als waar ik in 1998 werd bestraald.

    Verdrongen

    ‘Mevrouw, u hebt het goed verdrongen’ zegt de dame achter de balie opgewekt tegen me. ‘U weet hier de weg’ zei ze na het inkijken van mijn dossier. ‘Ik weet hier helemaal niets mee’ zei ik naar waarheid. Ik had werkelijk geen idee meer. ‘Nou mevrouw, dan hebt u het goed verdrongen.’
    Verdrongen? Verdrongen? ging regelmatig door mijn hoofd daarna. Heb ik het goed verdrongen als ik het niet meer weet? Of heb ik het goed verwerkt? Dat kan toch ook?

    Vergeten

    Afgelopen woensdag ging ik naar de jaarlijkse borst-controle. Na 2009 bleek ik in 2011 voor de derde maal borstkanker te hebben. Sindsdien blijf ik in de jaarlijkse controle. ‘U kunt morgen bellen voor de uitslag’ werd me gezegd.
    Gisteravond vroeg een vriendin me of ik al uitslag had van de mammografie. ‘Oh, antwoordde ik verschrikt. ‘Vergeten te bellen’

    En daar was hij weer. de vraag. Heb ik het verdrongen? Of ben ik het vergeten? (volgens mij ben ik het vergeten. Maar hoe eerlijk ben je naar jezelf als je iets hebt verdrongen?)

    PS
    Vanochtend vroeg heb ik gebeld. Goeie uitslag.
    Ik kan het weer een jaar vergeten.

  • | |

    Ik, mijn moeder en borstkanker

    Deze maand is het tien jaar geleden dat ik voor de derde keer te horen kreeg dat ik borstkanker had. In 1998 kreeg ik deze mededeling voor de eerste keer.
    ‘En ik ga hier niet aan dood.’ flitste die eerste keer door me heen. Mijn moeder overleed door borstkanker toen ik acht jaar was. Haar dood veranderde mijn leven. Voorgoed.

    Angst

    Zolang ik me kon herinneren was ik bang geweest dat ik – net als mijn moeder – aan borstkanker dood zou gaan. Controleren liet ik me nooit. Als je het hebt ga je dood. Mijn volwassen hoofd wist heel goed dat tegenwoordig niet iedereen dood gaat aan borstkanker. Maar mijn ‘kind-hoofd’ raakte totaal in paniek bij de gedachte alleen al.
    Operatie. Bestraling volgde. Meer nabehandelingen waren niet nodig. Mijn leven veranderde nog een keer. Voorgoed. Voortaan kon ik leven zonder angst voor borstkanker. Ik was er niet aan dood gegaan.

    Geen nabehandelingen

    Iets meer dan tien jaar later. Opnieuw. Dezelfde boodschap. Andere borst. ‘Sommige vrouwen kiezen ervoor geen nabehandeling te doen. En dat respecteren wij’ zei de chirurg tegen me. Ik was perplex. Dat kon dus ook. De bestralingen waren al begonnen. Die heb ik afgemaakt. De geadviseerde verdere nabehandelingen heb ik geweigerd. ‘U kunt er altijd op terugkomen’ zei de oncologe. Voor mij was dat genoeg.

    Deskundige

    ‘Mevrouw, wat kan ik u vertellen. U bent hier de deskundige’ zei de medisch specialist tegen me toen tien jaar geleden voor de derde keer kanker was gevonden. Deze keer in de borst van de eerste keer. Amputatie volgde. De geadviseerde verdere nabehandelingen heb ik ook bij de derde keer geweigerd.

    Keuze

    Tien jaar is het inmiddels geleden. Nog altijd voel ik het respect van de medisch specialisten. Voor mij. Als patiënt.
    Maar bovenal kan ik nog altijd voelen hoe de keuzes voelden die ik maakte. Toen mijn moeder overleed had ik geen keuze. Mijn leven veranderde. Voorgoed. Ik stond aan de kant. En kon niets doen.
    Bij de borstkanker had ik een keuze. Die heb ik – weloverwogen – gemaakt.
    Mijn leven veranderde. Opnieuw. Ik had een keuze. En ik ben er nog.

  • | | | | | | | | | |

    Leven tussen hoop en vrees

     

     

     

     

     

     

    In mijn blog van 19 juni j.l. Vader dag schreef ik Toen ik net acht jaar was overleed mijn moeder. Ruim twee jaar is ze ziek geweest en hebben ze (we zou ik moeten/willen zeggen, maar dat lukt me niet) geleefd tussen hoop en vrees. Tot mijn moeder overleed.

    We

    We zou ik moeten/willen zeggen, maar dat lukt me niet.
    Deze zin bleef nog lang in me resoneren. Bleef hangen, omdat in deze zin zoveel thematiek van jong ouderverlies zit.

    Ziek

    Mijn moeder werd ziek. Na een ziekteperiode van ongeveer twee jaar overleed ze in 1957. Ze overleed aan de gevolgen van borst-/botkanker.
    In die tijd werd patiënten met een levensbedreigende ziekte niet de waarheid verteld. Als ze zouden weten dat ze levensbedreigend ziek waren, zou dat de patiënt elke hoop op genezing ontnemen. Was de opvatting in die tijd.

    Het leven ging door

    Mijn vader zette alles op alles om voor ons – de kinderen – het leven zo gewoon mogelijk te laten verlopen. Maar er was niets meer gewoon. De stoet van tantes en andere soorten van (gezins)verzorgsters alleen al was erg genoeg voor een uitgestelde ramp. Hoezeer iedereen ook haar/zijn best deed.
    Mijn moeder werd verschillende keren opgenomen in het ziekenhuis.
    Ik herinner me daar weinig van.
    Behalve mijn ontzettende boosheid toen ze weer opgenomen moest worden op het moment dat we op vakantie zouden gaan (naar een huisje in de buurt van waar we al woonden).
    We gingen op vakantie – zonder mijn moeder.
    Ik herinner me daar niets van.
    Behalve mijn boosheid. En de verschrikkelijke schaamte die ik jarenlang heb gevoeld over die boosheid.

    Hoop en vrees

    Er moet in die jaren van de ziekte van mijn moeder zoveel angst, zoveel verdriet, zoveel hoop, zoveel vrees, zoveel paniek zijn geweest in het huis waarin we samen leefden. Zowel bij mijn moeder als bij mijn vader.
    En bij ons – de kinderen?
    Ik kan me niet herinneren dat ik dat toen heb gevoeld.
    Maar ik weet zeker dat het er was.
    Verborgen aanwezig.
    Maar niettemin: aanwezig.
    Ook in mij.

    Mijn moeder

    Mijn moeder overleed thuis. Zelf logeerde ik die nacht bij een vriendinnetje. Toen ik thuis kwam vertelde mijn vader me dat mammie was overleden. Op dat moment ben ik innerlijk versteend. En uiterlijk weggerend. Terug naar het vriendinnetje om te vertellen dat mijn moeder dood was. Een spannend verhaal, vond ik. Iedereen had wel een moeder, maar een dode moeder: dat was wel heel bijzonder.
    Verder herinner ik me niets.
    Behalve de jarenlange diepe schaamte om deze reactie.

    Trauma

    Mijn moeder is thuis opgebaard.
    Ik herinner me daar niets van.
    Samen met mijn vader heb ik een boeketje gemaakt voor op de kist.
    Ik herinner me daar niets van.
    Mijn vader heeft ons niet meegenomen naar de crematie. Een bewuste keuze, die past in die tijd. ‘Ik hoop de kinderen daarmee een trauma te besparen’.
    Ik herinner me daar niets van.
    Pas jaren en jaren later heb ik kunnen voelen dat we daar bij hadden moeten zijn.
    Het is niet de goede manier geweest om kinderen een trauma te besparen.

    Het menselijk tekort

    Ik heb gelezen over zijn besluiten.
    Op zijn manier heeft mijn vader alles in het werk gesteld om alles zo goed mogelijk te doen. Om alles zo goed mogelijk te laten verlopen.
    De wil was er er.
    Het – verminkte – leven ging verder.
    Het menselijk tekort heeft ons allen parten gespeeld.
    Dat gebeurde toen.
    En dat gebeurt nu nog steeds.
    De tijden zijn veranderd.
    De opvattingen zijn veranderd.
    Het menselijk tekort is er intussen niet kleiner op geworden.

    Paula Modersohn

    Het schilderij boven is geschilderd door Paula Modersohn (1876-1907).
    Paula Modersohn overleed, 31 jaar oud, na de geboorte van haar dochter Mathilde.