• | | | |

    ‘Zo’n stofje’, een praktijkvoorbeeld

    ‘Misschien mis je wel zo’n stofje, zei een vriendin onlangs tegen me.’ Samen met A-M. ben ik aan het werk. Terugkomdag van de basisworkshop Verlaat Verdriet. De vriendin van A-M. probeerde een verklaring te vinden voor de gevoelens van ongemak en machteloosheid die A-M. soms plotseling overvallen en die regelmatig vrij hardnekkig en als gevolg daarvan ook vrij langdurig kunnen zijn. We grinniken er samen wat om. ’t Is vast goed bedoeld geweest, maar het levert niet zoveel op, zo’n opmerking. ‘Weet je’, zegt A-M., ‘ik wil eigenlijk helemaal niet dat ze iets roept over een stofje. Ik wil dat ze begrijpt hoe ingrijpend het verlies van mijn moeder is geweest. En hoe erg ik haar heb gemist. En mis. En dat dat nog steeds gevolgen heeft voor mij. En dat dat helemaal niet gek is. Ik wil gewoon erkend worden in mijn Verlaat Verdriet.’

    Ik kan er niets aan doen

    Ken jij als Verlaat Verdriet-er ook die momenten zoals A-M., waarop je ineens weer wordt overvallen door gevoelens van ongemak? Van machteloosheid? Van onveiligheid? Je ziet het niet aankomen. Je kunt er niets aan doen: ineens sta je er weer middenin. Je bent in de war. Voelt je ongemakkelijk. Voelt je ongelukkig. Je trekt je terug in jezelf. Voelt je op een wat vage manier verdrietig. Boos. Je voelt van alles in je lijf gebeuren, maar hebt daar niet echt woorden voor. Het lijkt wel griep, maar dat is het niet. Nee toch, niet weer!
    Uit het niets lijkt het te komen, en het voelt altijd alsof het groter is dan jij. Alsof je geen kant meer op kunt.
    Gevangen in jezelf. Wat kun je meer dan wachten tot het weer over is?

    Ik kan er iets aan doen

    In de beginjaren van mijn Verlaat Verdriet-werk heb ik het regelmatig geroepen: ‘Ik hoef het raadsel mens niet te ontsluieren om met Verlaat Verdriet-ers te kunnen werken’. Veel is er sinds het begin van mijn Verlaat Verdriet-werk – nu zo’n twintig  jaren geleden – veranderd. Ontwikkeld. Zijn wij ons brein? Zijn wij meer dan ons brein? Wat doen onze hersenen? Wat kunnen onze hersenen? Wat kunnen onze hersenen nog meer dan dat wat we gewend zijn ermee te doen? Hoeveel kun je zelf veranderen in de werking van je hersenen? Hoe afhankelijk zijn wij van de werking van onze hormoonleveranciers? De schildklier? De bijnieren? De bijnierschors? Hoeveel invloed kunnen we uitoefenen op die werking? Hoe zit het met ons zelfgenezend vermogen? Kan je zelfgenezend vermogen nog werken als je immuunsysteem is aangetast? Op welke manier kunnen we dat zelfgenezend vermogen aanspreken?
    En dan de kracht van overtuigingen. Van ingesleten denkpatronen. Steeds meer raakt er bekend over de grote invloed die overtuigingen (dus ook je overlevingspatronen!) die je in de loop van je leven hebt aangenomen je leven – en daarmee jou – vorm geven. En met die overtuigingen kun je aan het werk. Die overtuigingen zijn veranderbaar. En door die overtuigingen te veranderen, verander je je leven. Ook als je Verlaat Verdriet-er bent.

    Ik doe er iets aan

    Afgelopen week kreeg ik een e-mail van L. Ze werd en wordt regelmatig geconfronteerd met vaak langdurige depressies. L. verloor jong haar moeder. Afgelopen winter volgde ze bij mij de individuele biografische cursus Heel je leven. Ik tipte L. toen over de werking van de bijnieren en de gevolgen van bijnieruitputting. ‘Met mij gaat het niet goed’, schrijft L. ‘Ik moet toch weer met die gevoeligheid voor depressies aan het werk. Al zoekend kwam ik de Linus Pauling Kliniek tegen. Dat adres geeft ik graag aan je door. Misschien hebben anderen er ook iets aan.’
    Bij deze geef ik dat adres graag aan je door, samen met nog een ander adres dat ik kreeg via E., namelijk van het Heelcentrum.

  • |

    Autist of gewoon: heel erg verlegen?

    In de tuin van mijn buurvrouw is een jongen aan het werk. Een jaar of 15, VWO-leerling. ‘Hij heeft een vorm van autisme’, vertelde mijn buurvrouw onlangs. Vanochtend kwam deze jongen ook even bladblazen in mijn tuin. Ik liep naar buiten, om hem bij voorbaat te bedanken voor z’n werk. Hij zei weinig terug, en keek me niet aan. Even later stond hij nogal veel bladresten met zijn handen bijeen te vegen. Ik gaf hem een bezem en een veger en blik: erbij zeggend: ‘Dan gaat het vast sneller en beter’. ‘Ja’, zei hij mompelend terug.

    ‘Oh ja, autisme, da’s waar ook’, dacht ik in een flits. Om vervolgens ineens mezelf te zien. Vijftien jaar. Altijd verlegen geweest. Heel erg verlegen zelfs. Na de dood van mijn moeder – toen ik 8 was – werd die verlegenheid erger en erger. Ik trok me terug in mezelf en vond contact met andere mensen lastig. Ik ging het liever uit de weg. Als kind vroeg ik me wel eens af of ik mensenschuw was.

    Wat zou er met mij zijn gebeurd in de tijd van nu? Hoe zou daar nu over gedacht worden? Zou ik ook zo’n soort stempel hebben gekregen?
    ‘Mag je als kind eigenlijk nog wel heel gewoon heel erg verlegen zijn?’ vraag ik me af, de bezem en veger & blik intussen weer in m’n handen. Verlegenheid kun je overgroeien. Mij is het (grotendeels) gelukt. Niet gemakkelijk, maar ik heb er veel van geleerd. Het stempel ‘autist‘ draag je levenslang met je mee. Daar kom je niet meer vanaf.
    Verlegen. Heeft een kind eigenlijk nog het recht om gewoon verlegen te zijn? Ook als je héél erg verlegen bent?

  • |

    Zonde & jammer: een praktijkvoorbeeld

    Soms zie je van afstand iets gebeuren waarin je niet op een goeie manier kunt ingrijpen, terwijl je graag iets had willen doen. Zo’n voorval kan in je rond blijven zingen. Zo ook bij mij.

    Een voorbeeld uit mijn praktijk

    Een aantal maanden geleden deed M. bij mij de basisworkshop Verlaat Verdriet. M. is nu rond de 40, en was 7 jaar toen ze haar moeder verloor. Gedurende de workshop werkte M. intens en toegewijd. Met name mijn uitleg over het belang van het innerlijk besluit en het verschil tussen het besluit Ik moet er af en Ik ga het aan kon M. goed doorvoelen. Ik ga het aan kon ze – ondanks alle verdriet dat ze voelde – met heel haar hart zeggen.

    Tantes & ooms

    Eén van de grote uitnodigingen tot heling is de uitnodiging ‘op zielsniveau’ het contact met je overleden ouder te herstellen. Je gaat als het ware een hernieuwd cont(r)act met je overleden ouder aan. Tantes & ooms opzoeken die je ouder (goed) hebben gekend maakt deel uit van die zoektocht. Niet altijd gemakkelijk, maar bijna altijd met een positief en hartverwarmend resultaat.

    Zo ging M. haar tante & oom opzoeken, ook al had ze jaren weinig contact met hen gehad. Dat was verwaterd na de dood van haar moeder. Ze werd allerhartelijkst ontvangen Wat lijk je veel op je moeder! Zowel tante als oom wilde graag over M.’s overleden moeder vertellen. M. genoot van alles wat ze (opnieuw) hoorde over haar moeder, maar huilde ondertussen een aantal keren flink. Duidelijk was te zien en te merken dat ze veel verdriet had om het vroege verlies van haar moeder en het gemis, dat ze al die jaren had weggestopt. Aan het einde van het gesprek zei tante tegen M.: Nou, nu moet je het verlies van je moeder een plaats geven in je leven. Je moet verder met je leven, naar de toekomst. Je moet er niet in blijven hangen, hoor.

    Tips voor tantes & ooms

    Beste tantes & ooms, denk alsjeblieft na voordat je een dergelijke opmerking maakt. Hoe begrijpelijk ook. Waarschijnlijk heb je te doen met je nicht/neef en het was al zo zielig dat zij/hij jong de ouder verloor. Je wilt haar/hem behoeden voor nog meer verdriet. Maar echt, tantes & ooms, doe dit alsjeblieft niet. Erken haar/zijn grote verdriet. Laat je nicht/neef weten dat zij/hij altijd welkom is. Dat je altijd bereid bent over haar/zijn overleden ouder te vertellen. Eén keer, tien keer, honderd keer. Zo vaak als zij/hij daar behoefte aan heeft. Een verlaat rouwproces heeft tijd nodig – soms (vaak!) veel tijd. En geduld. Aandacht. Zorg. Liefde. Je nicht/neef heeft tijd nodig. Geduld. Zorg. Aandacht. Liefde. Ook van jou. Naar alle waarschijnlijkheid is je nicht/je neef als gevolg van de vroege dood van haar/zijn ouder veel tekort gekomen. Geef haar/hem nu wat zij/hij nodig heeft. Dat is goede hulp bij rouw.

    Wees je ervan bewust dat je met je advies ‘er niet in te blijven hangen‘ het omgekeerde bereikt van wat je had willen bereiken.
    Zoals bij M. het geval is. M. besloot, naar aanleiding van het gesprek met haar tante: Ik moet verder. Ik moet niet meer achterom kijken. Ik moet naar de toekomst kijken. De opmerking van haar tante haalde een grote streep door het oorspronkelijke besluit van M.: Ik ga het aan is: Ik moet eraf geworden. Wat in de workshop in gang werd gezet, is (voor het grootste gedeelte) weer tot stilstand gekomen.
    Zonde & jammer.
    En onnodig! Een verlaat rouwproces heeft nu eenmaal een totaal eigen, specifieke, dynamiek. Tantes, ooms en nog heel veel meer andere mensen: het is belangrijk dat te weten en dat te erkennen.

  • Over de crisis niets dan goeds’

    Klimaat en biodiversiteit: inspirerende gesprekken over urgentie en hoop

    Verlaat Verdriet-ervaringsgenoot en auteur Sjef Staps – milieukundige – presenteert op dinsdag 8 oktober 2013 zijn boek Over de crisis niets dan goeds.

    Discussie en boekpresentatie, Den Haag, dinsdag 8 oktober 2013, 14.00 – 17.00 uur

    • overhandiging eerste exemplaar aan staatssecretaris Wilma Mansveld van Milieu;
    • reflectie en discussie met Marjan Minnesma, Klaas van Egmond en Herman van Ham;
    • discussie met o.a. Rob van Brouwershaven, Marga Edens en Hans Berkhuizen

    Voorzitter: Felix Rottenberg
    Locatie: Pulchri Studio, Lange Voorhout 15, Den Haag (loopafstand van CS).

    Inhoud van het boek

    De wetenschappelijke feiten rond klimaat en biodiversiteit duiden erop dat we aankoersen op een dramatische verandering van onze leefomgeving. Onze samenleving heeft ten opzichte van deze mondiale problemen echter een merkwaardige houding. We willen de dreigende toekomstscenario’s niet horen en lijken alleen open te staan voor positieve signalen. Blijven we de kop in het zand steken of gaan we de problemen onder ogen zien en stappen vooruit zetten?

    Het boek ‘Over de crisis niets dan goeds’ bevat interviews met 25 mensen uit wetenschap, bedrijfsleven, overheden en ngo’s. Zij geven hun visie op deze ontwijkende houding, die volstrekt niet aansluit bij de neergaande spiraal waarin onze leefomgeving zich bevindt.
    Sjef Staps bespreekt met hun het belangrijkste probleem van de moderne samenleving. Hij gaat in op de achtergronden van de problematiek, op ons gedrag, op de consequenties voor toekomstige generaties en op toekomstscenario’s. Bovenal staat in de interviews centraal hoe we, lerend van de crisis, bewust onze houding kunnen veranderen en kunnen werken aan een betere toekomst.

    Het boek bevat interviews met onder meer

    Bedrijfsleven

    • Hans Huijbers, voorzitter Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie
    • Marga Edens, directeur MVO, RWE

    Wetenschap

    • Klaas van Egmond, hoogleraar Milieukunde en Duurzaamheid, UU
    • Maarten Hajer, directeur Planbureau voor de Leefomgeving
    • James Hansen, NASA, hoogleraar Columbia University
    • Pier Vellinga, hoogleraar VU en WUR, voorzitter Nat. Onderzoeksprogramma Kennis voor Klimaat

    NGO’’s

    • Hans Berkhuizen, directeur Milieudefensie
    • Jane Goodall, primatoloog
    • Jan Juffermans, de mondiale Voetafdruk
    • Marjan Minnesma, directeur Urgenda

    Politiek

    • Ruud Lubbers, oud-premier
    • Ed Nijpels, oud-minister van milieu
    • Jan Terlouw, oud vice-premier, wetenschapper, politicus, auteur

    Kunst

    • Herman van Veen, cabaretier

    Informatie en aanmelden

    Voor het aanmelden voor deze bijeenkomst en meer informatie: www.overdecrisisnietsdangoeds.nl.