• | | |

    Het geknetter in de sterren

    Stiefmoeder

    In Het geknetter in de sterren van Jón Kalman Stefánsson moet de kleine jongen die net zijn moeder heeft verloren een nieuw woord leren: stiefmoeder.
    ‘Nu ga je het krijgen,’ zeggen zijn vriendjes als de jongen een stiefmoeder krijgt. En omdat zijn vader vaak weg is, vlucht de jongen met zijn tinnen soldaatjes in een droomwereld. Hele legers helpen hem te strijden tegen zijn eenzaamheid.
    Hij krijgt ook aandacht van zijn grootmoeder. Zij vertelt hem verhalen over haar ouders.  De ondernemende overgrootvader die de familie tot aan de afgrond bracht. En de overgrootmoeder die afsprak met een kapitein.
    In poëtische zinnen vangt de volwassen verteller zijn jeugd en zijn familie.

    Jón Kalman Stefánsson

    Jón Kalman Stefánsson (1963), geboren in Reykjavik. Deze roman vertelt het verhaal van een naamloos jongetje dat woont in ‘een stad die Reykjavik heet’, in zijn eentje opgroeit bij zijn vader en eindeloos gesprekken voert met zijn tinnen soldaatjes. Langzaam begrijp je dat de moeder kort daarvoor is overleden. In interviews heeft Stefánsson niet verhuld dat hem min of meer hetzelfde is overkomen.

    Stefánsson behoort tot de grootste Europese schrijvers van deze tijd. In een poëtische en beeldende stijl schrijft hij romans die zich afspelen in IJsland. Stefánsson werd genomineerd voor de Nordic Council Literature Prize en won zowel de IJslandse literatuurprijs als de Per Olov Enquist-prijs. In 2019 werd hij geridderd in de Orde van de Valk.

    Het geknetter in de sterren

  • | |

    Ik heb een heel groot verantwoordelijkheidsgevoel

    Ik heb een heel groot verantwoordelijkheidsgevoel. Meegekregen. In mijn jeugd. Wat je belooft moet je doen. Als je iets belooft moet je ervoor zorgen dat het gebeurt. Als het niet gebeurt had je het niet mogen beloven.

    Realisatie

    Ken je dat? Ineens zit er een realisatie in je hoofd. Waar die op dat moment vandaan komt? ??? (vraagteken). Misschien doet het er niet toe. De realisatie is er. En je kunt iets mee doen met die realisatie. Of je kunt er niet iets mee doen.

    Verantwoordelijkheid

    Van mijn realisatie van vanochtend ‘Ik heb een heel groot verantwoordelijkheidsgevoel’ begrijp ik waar die vandaan komt. Ook al was die er vanochtend ineens in deze vorm. Afgelopen week ben ik op verschillende manieren bezig geweest met thema’s rondom ‘verantwoordelijkheid’. Verantwoordelijkheid voelen. Verantwoordelijkheid nemen. Volwassen zijn. Volwassen voelen.

    Je verantwoordelijk voelen

    Je verantwoordelijk voelen is een thema dat bij veel Verlaat Verdriet-ers speelt.

    Mijn thema van vandaag heeft vooral te maken met het volgende. Mogelijk herken jij dit ook.
    Ik kreeg een groot verantwoordelijkheidsgevoel mee. In mijn jeugd. Maar: een van de ouders die me, al dan niet spelenderwijs, had moeten leren hoe je dat op een natuurlijke, verantwoordelijke manier doet – namelijk mijn moeder – ontbrak. Mijn moeder overleed toen ik 8 jaar was, na zeker twee jaar ziek geweest te zijn.

    Mijn vader raakte door het verlies van zijn geliefde vrouw diep beschadigd. Hij was er wel. Maar hij was er ook niet. Hij leefde me zeker ‘verantwoordelijkheid’ voor. Maar hoe ik dat zelf, in het echt, moet doen – daar voel ik nog regelmatig een soort van gat.

    Herkenbaar

    Ik moest erg denken aan de foto van Michel Szulc Krzyzanowski uit zijn boek Sequences die ik bij deze blog heb geplaatst.
    Misschien ook herkenbaar voor jou?

  • | |

    Ik ben mijn ankerpunt kwijt

    Ik ben een weekje op Terschelling. In de Aquamarijn. Het huisje dat Michel voor ons – voor mij – heeft gebouwd. Michel, mijn partner die in oktober 2020 overleed.

    Ik red me wel

    Zeker: ik red me wel.
    Doorgaan: dat lukt me.

    We leefden in sterk gescheiden werelden. Hadden allebei ons eigen leven. Woonden nooit samen, hoewel dicht bij elkaar. Hij zijn huis. Ik mijn huis. Hij zijn leven. Ik mijn leven. Hij zijn werk. Ik mijn werk. Hij zijn cultuur. Ik mijn cultuur. Wij samen onze cultuur. Onze omgangsvormen. Onze relatie. Meer dan 30 jaar.
    ‘Ik ben geen treurende weduwe.’ ‘Ik mis Michel niet in mijn huis.’ ‘Mijn leven gaat ‘gewoon’ door.’

    Op Terschelling

    Ik ben nu ruim een half jaar verder. Op Terschelling deze week. In het huisje dat Michel met zoveel liefde heeft gebouwd. Het huisje dat er nog steeds ‘gewoon’ is. Waar tegelijkertijd zoveel is veranderd. En nog steeds aan het veranderen is.

    Ik ben mijn ankerpunt kwijt

    Nu pas kan ik woorden geven aan soorten van gevoelens die in de afgelopen maanden steeds onder de oppervlakte bleven. ‘Ik ben mijn ankerpunt kwijt.’ Het belangrijkste, meest betrouwbare ankerpunt dat ik heb gehad na het verlies van mijn moeder toen ik 8 was.

    Nu pas, na al die maanden na zijn overlijden, kan ik het tot in het diepst van mijn vezels voelen. Ik ben mijn ankerpunt kwijt. Mijn basisgevoel van beschermd zijn. Van veiligheid.
    Michel: wat ben ik blij dat je er voor mij bent geweest. Meer dan 30 jaar. Dank je wel. Dank voor je aanwezigheid. Voor wat je voor me hebt betekend. Mijn ankerpunt.

  • | |

    Introductie bij Rouw kent geen tijd

    Rouw kent geen tijd

    Verlies van mijn moeder

    Titia: ‘’Ik was 8 jaar toen ik mijn moeder verloor. Twee jaar later hertrouwde mijn vader. Ogenschijnlijk ging mijn leven gewoon door. Nu weet ik dat het de buitenkant was die ‘gewoon’ doorging; in die tijd was mijn leven ‘gewoon’ zo. Rond mijn 16e was de relatie tussen mij en de tweede vrouw van mijn vader onhoudbaar geworden. Ik zorgde ervoor dat ik uit huis werd geplaatst. Verhuisde naar een pleeggezin in mijn geboorteplaats Winschoten. Daar rondde ik de middelmare school af. Na het behalen van mijn diploma verhuisde ik naar Groningen.

    Studeren

    Ging op kamers wonen. In Groningen volgende ik twee opleidingen: de Bibliotheek Academie en de leraressenopleiding Tekenen & textiele werkvormen. In die jaren voelde ik me vooral eenzaam en ongelukkig. Al zou ik dat zelf in die tijd nooit zo benoemd hebben.

    Leerkracht

    Na het behalen van mijn diploma kreeg ik een baan in Nunspeet aan een internaat voor bijzonder Jeugdwerk. Leerkracht beroepsvorming. Jarenlang genoot ik van mijn werk en de plek waar ik werkte. Tot ik steeds meer vastraakte in mezelf. ‘Ik denk dat het te maken heeft met het feit dat ik als kind mijn moeder verloor.’ Maar waar ik ook aanklopte voor hulp: niemand die aansloot bij het vroege verlies van mijn moeder.

    Zonder Moeder

    Tot ik het boek ‘Zonder Moeder’ las. ‘Zie je wel: ik ben niet gek’ wist ik vanaf dat moment. Dat is het begin geweest van wat je mijn ‘levenswerk’ zou kunnen noemen – mijn werk met mensen die, net als ik, in hun jeugd hun ouder(s) hebben verloren door overlijden.’

    Kenmerkende patronen

    Nog veel te vaak worden de gevolgen van jong ouderverlies gezien als een persoonlijke zaak. De overeenkomende kenmerkende patronen die ik in de loop van mijn Verlaat Verdriet-werk steeds beter heb leren onderscheiden worden nog veel te vaak over het hoofd gezien. In Rouw kent geen tijd maak je kennis met de kenmerkende patronen bij Verlaat Verdriet in samenhang met elkaar. Ondergebracht in 13 op elkaar aansluitende, losse modules.

    Uitnodiging

    Graag nodig ik je uit Rouw kent geen tijd te gaan zien