Catharina de Grote
Catharina de Grote
1729-1796
Acht jaar toen ze haar vader verloor.
Tsarina, verlicht despoot van 1762-1796
1729-1796
Acht jaar toen ze haar vader verloor.
Tsarina, verlicht despoot van 1762-1796
We hebben meer tijd nodig om de organisatie van symposium ZEER en het verschijnen van glossy ZEER financieel goed en verantwoord rond te krijgen.
Het kostte ons allemaal de nodige moeite om aan uitstel te wennen. De eerste aanmeldingen voor de oorspronkelijke datum zijn al binnen!
Maar per slot weten we allemaal: zowel het symposium als de glossy kunnen er alleen maar bij winnen!
Website ZEER is in de maak!
Dat verheugt ons zeer. We kijken er naar uit!
Zodra de website er is kan de officiële aanmelding voor het symposium van start gaan.
We houden je op de hoogte!
Ondanks het feit dat alle medewerkers, zowel aan het symposium als aan de glossy, onbetaalde vrijwilligers zijn is er uiteraard sprake van een kostenplaatje. Een kostenplaatje dat gedekt moet worden.
De extra tijd die we nu hebben gecreëerd moeten we onder meer besteden aan fondswerving om het hele project kostenneutraal te kunnen laten verlopen.
Is fondsenwerving jouw ding?
Wil je jouw bijdrage leveren aan de organisatie van het symposium en het uitbrengen van de glossy?
Meld je bij ons aan info@verlaatverdriet.nu
Weet dat je van harte welkom bent!
Onlangs sprak ik een jonge vrouw.
Dit is het verhaal dat ze me vertelde:
‘Mijn moeder verloor als baby haar moeder.
Ze was het eerste en enige kind van haar moeder.
Haar vader – mijn opa dus – hertrouwde al snel.
Er kwamen nieuwe kinderen.
Een nieuw, groot gezin.
Mijn moeder als oudste kind in het nieuwe gezin.
Een heel gewoon gezin.
Toen mijn opa en oma vijftig jaar getrouwd waren, liet mijn moeder – altijd degene die overal voor zorgt – bij de fotograaf een mooie foto maken.
Opa en oma, en alle kinderen.
‘Maar mama, jij staat er niet op’, riep ik verbaasd toen ik de foto zag.
‘Ik hoor er ook niet bij’ antwoordde mijn moeder, zonder een seconde te aarzelen.’
Stel: je bent het jongste kind van zes.
Stel: je verloor je moeder in het kraambed.
Stel: je moeder overleed onmiddellijk na jouw geboorte.
Stel: je komt als baby thuis. In een huis waar je vijf broertjes en zusjes hun moeder hebben verloren. En je vader zijn vrouw.
Stel: niemand zegt het ooit, maar toch voel jij dagelijks de zwaarte van de onuitgesproken beschuldiging: jij bent de moordenaar van mijn moeder.
Stel: je bent het eerste kind van je moeder en je vader en het enige kind van je moeder.
Stel: je moeder overleed in het kraambed.
Stel: je moeder overleed onmiddellijk na jouw geboorte.
Stel: je groeide op in het liefdevolle gezin van de zus van je moeder.
Stel: je hebt regelmatig contact met je vader.
Stel: op een dag laat je vader zich ontvallen: ‘Het zou beter zijn geweest als jij niet was geboren.’
Dan is het toch niet te hebben, als ‘de buitenwereld’ bij heel jong ouderverlies zegt (of erger nog: denkt):
‘Ach, jij was zo jong. Je hebt je moeder niet gekend.
Dan kun je er ook geen last van hebben.’