• | | |

    Verzet

    Verzet

    Een momentum in mijn leven was het: het besluit dat ik als kind nam uit verzet.
    Het innerlijke besluit dat mijn leven decennia-lang vorm zou gaan geven.

    Dat momentum vond plaats op het moment dat mijn vader van mij vroeg zijn tweede vrouw mammie te noemen.
    Mammie: dat was mijn moeder.
    Om de lieve vrede heb ik het gedaan. Ik ben de tweede vrouw van mijn vader mammie gaan noemen.
    Maar innerlijk kwam ik in verzet.
    Innerlijk besloot ik: als ik dit moet doen, is er nooit meer iets belangrijk in m’n leven.
    Ik doe niets meer.
    Leven vanuit ‘NEE
    Leven vanuit verzet.

    Straf

    Een ernstiger ‘straf’ zou ik de doener in mij niet op hebben kunnen leggen.
    Maar ik deed het.
    Maar: uit verzet ‘strafte’ ik mezelf voor tientallen jaren.
    Uit verzet deed ik niets meer.

    Verwoeste stad

    Gedurende een therapie van jaren geleden kreeg het beeld van Ossip Zadkine: Stad zonder hart (Rotterdam, voor Rotterdammers: Jan Gat) een bijzondere betekenis. Maandenlang stond een foto van dit beeld op mijn schoorsteenmantel.
    Zinnebeeld van hoe ik me voelde: verwoest.

    Meisje

    Na verloop van tijd kwam ik een foto tegen van mijzelf als kind van een jaar of drie.
    Meisje van drie, dat open de wereld in kijkt.
    Meisje van drie, dat vast van plan is iets goeds van haar leven te maken.
    Meisje van drie, dat geen idee had van wat haar boven het hoofd hing.

    Dat meisje, dat vast van plan was iets goeds van haar leven te maken – dat is niet wat ik ervan heb gemaakt, drong tot me door! – kreeg een plaats, naast de foto van het beeld van Zadkine.

    Vrede

    Op een dag maakte ik een kopie van de foto van het meisje met haar blonde krullen en haar ogen van de doener.
    Ik maakte de foto op maat en plakte dit kind op de foto van het beeld van Zadkine.
    Op het gat.
    Op de plaats van ‘zonder hart’.
    Een nieuw momentum!
    Ik mocht weer gaan doen.
    Ik ging doen.
    Ik doe nog het steeds.
    In vrede met mezelf.

     

  • | |

    Oer-verlatingsangst

    Uitsnede

     

     

     

     

    Oer-verlatingsangst

    In dezelfde roman waarin ik het woord overlevingsvaardigheden tegen kwam (blog van 08-01-2017) kwam ik het woord oer-verlatingsangst tegen.
    Ook nu weer een woord dat voor mij ineens een verdieping aan mijn Verlaat Verdriet-werk geeft. Een verdieping waar ik lang naar heb gezocht.

    Verlatingsangst

    Oer-verlatingsangst.
    De oer-angst verlaten te worden, die voor Verlaat Verdriet-ers werkelijkheid is geworden op het moment dat ze de ouder verloren.
    De ouder, die bedoeld was veiligheid te bieden.
    Bescherming.
    Geborgenheid.
    Continuïteit.

    Ruptuur

    Vanuit mijn visie op de gevolgen van jong ouderverlies heb ik de term ruptuur geïntroduceerd. De onomkeerbare afscheiding als gevolg van de dood van de ouder.
    Maar geeft het woord ruptuur alleen voldoende diepte aan jong ouderverlies?

    Eenzaamheid

    Hoe zit het met eenzaamheid?
    De innerlijke eenzaamheid die zoveel Verlaat Verdriet-ers kenmerkt?
    Die zoveel Verlaat Verdriet-ers kwelt?
    Die het voor zoveel Verlaat Verdriet-ers moeilijk en ingewikkeld maakt om te leven?
    (Lees meer over innerlijke eenzaamheid in mijn blog van 5 januari 2017: Achterkant ).

    Fundamentele eenzaamheid

    Hoe zit het met de fundamentele eenzaamheid?
    De fundamentele eenzaamheid van de mens?
    Is de mens fundamenteel eenzaam?
    Is de fundamentele eenzaamheid de prijs die wij betalen voor de cultuur waarin wij leven?
    De cultuur van het moderne, vrije westen?
    Van de open maatschappij?
    Van de maatschappij van het individu?
    Van de maatschappij waarin de mens zichzelf vorm moet geven? Zichzelf als het ware uit moet vinden?
    Bestaat de fundamentele eenzaamheid ook bij mensen die opgroeien in een gesloten, traditionele maatschappij?
    In een maatschappij waarin de traditie bepaalt wie je bent en hoe je leeft?

    Oer-verlatingsangst

    Verliesangst is een term die ik in mijn Verlaat Verdriet-werk regelmatig gebruik. Vooral omdat het woord verliesangst voor mijn gevoel de veelgebruikte termen verlatingsangst en bindingsangst een noodzakelijke verdieping geeft.

    Het woord oer-verlatingsangst geeft voor mij daaronder nog weer een extra verdieping. Een extra woord om de ervaring van het onomkeerbare verlies betekenis te geven.
    De menselijke angst verlaten te worden.
    Oer-verlatingsangst.
    Een woord om verder op te mediteren.
    Oer-verlatingsangst. 

  • | | | | | | | | |

    Overlevingsvaardigheden

     

     

     

     

     

     

    ‘Ik geef Verlaat Verdriet idioom’.
    Wat heb ik lang moeite gehad een goed antwoord te geven op de vraag die ik regelmatig kreeg: ‘Wat voor werk doe jij eigenlijk?’
    ‘Ik geef Verlaat Verdriet idioom.
    Ik geef Verlaat Verdriet woorden.
    Structuur.
    Zodat de gevolgen van jong ouderverlies op de langere termijn duidelijker zichtbaar, begrijpbaar en overdraagbaar worden.
    Bij voorkeur woorden uit gewoon, dagelijks, begrijpbaar Nederlands. In plaats van woorden uit welk jargon van welke beroepsgroep dan ook.
    Aan de hand van mijn eigen gereedschapskistje, zeg maar.’ 

    Overlevingspatronen

    In de eerste jaren van mijn Verlaat Verdriet-werk had ik veel moeite met de uitdrukking overleven. Ik had nooit het gevoel dat ik het vroege verlies van mijn moeder overleefd zou hebben.
    In een aantal opzichten was ik goed voorzien.
    Bijvoorbeeld van een mooie en goede start van mijn leven.
    Materieel gezien heeft het me eveneens nooit aan wat dan ook ontbroken.
    Cultureel valt er wel iets af te dingen: de komst van de tweede vrouw van mijn vader betekende echt een cultuurbreuk voor me.
    Desalniettemin: vaardigheden om kennis te vergaren en verder te ontwikkelen heb ik als geschenk mee gekregen.

    Door de jaren heen ben ik zelf steeds meer de term overleven gaan gebruiken. Want ja: in veel opzichten betekende het verlies van mijn moeder, en zeker de gevolgen die dat verlies heeft gehad, dat ik naar manieren moest zoeken om mezelf staande te houden.
    Overleven dus.

    BOS-patronen

    In de verdere ontwikkeling van mijn Verlaat Verdriet-werk ben ik meer en meer onderscheid gaan maken in soorten van overlevingspatronen.
    BOS-patronen heb ik ze genoemd.
    Beschermingsmechanismen.
    Overlevingspatronen.
    Schaduwpatronen.

    Coping

    Aan de term coping heb ik – waarom weet ik niet – altijd een hekel gehad. Te Amerikaans, misschien? Teveel jargon?
    Hoe dan ook, de term coping heeft nooit een plaats kunnen vinden in mijn woordenboek. Gebruikt heb ik deze term dan ook nooit.

    Overlevingsvaardigheden

    In een roman die ik op het moment aan het lezen ben kwam ik de term overlevingsvaardigheden tegen.
    Kijk: dat woord past in mijn ideeën over het onderzoeken van kwaliteiten die je, tegelijkertijd met je overlevingspatronen, hebt ontwikkeld.
    Herwaarderen van je overlevingspatronen.

    Zie: ik geef Verlaat Verdriet idioom.
    Woorden geven aan ervaringen.
    Structureren.
    Rubriceren.

    Die kwaliteiten heb ik tegelijkertijd met mijn overlevingspatronen ontwikkeld.
    Die kwaliteiten zijn sterk.
    Overlevingsvaardigheden!

  • | | | | | | | | | | | | |

    When a grandparent dies

     

     

     

     

     

     

    When a grandparent dies.
    A kids own remembering workbook for dealing with Shiva and the year byond
    geschreven/samengesteld door Nechama Liss-Levinson.

    Herdenken

    Een paar dagen geleden schreef ik over de herdenking van vriendin/collega Marijke. Vanzelfsprekend kwam ook de jarenlange samenwerking van Marijke en mij in mijn gedachten terug. Zoals bijvoorbeeld in De reis van je leven, de biografische cursus die we een aantal keren eens paar jaar aanboden op Terschelling.
    Ook dat doet herdenken met je: er komen herinneringen terug.

    Boek

    Ook moest ik weer heel sterk denken aan het bijzondere boek dat ik jaren geleden op aanraden van een vriendin kocht.
    Het boek When a grandparent dies.
    When a grandparent dies is een boek op prentenboek-formaat. Geschreven en samengesteld door de Amerikaans-Joodse Nechama Liss-Levinson.
    Dit werkboek neemt het kind mee in de joodse rouw-cultuur van Shiva, Kaddish en de rouwrituelen op joodse feestdagen gedurende het eerste jaar van rouw.

    Plaats

    Het kind krijgt, aan de hand van dit werkboek,
    een plaats in de gebeurtenissen rondom de dood van de grootouder,
    wordt vertrouwd gemaakt met dood en verlies,
    krijgt haar/zijn eigen plaats in de familie,
    krijgt haar/zijn eigen plaats in het leven,
    krijgt haar/zijn eigen plaats in de joodse cultuur.

    Het kind als nabestaande werkelijk als mens gezien.
    Als mens in klein-formaat.
    Maar wel als mens.

    Er gaat een wereld voor je open

    Er gaat een wereld voor je open met dit boek.
    Een wereld waarin tijd wordt genomen
    voor het kind;
    voor de mens;
    voor de verloren mens;
    voor de medemens;
    voor rouw;
    voor rituelen;
    voor traditie.

    Een wereld die wij – haastige westerlingen – eigenlijk niet meer kennen.
    Onze wereld van de haastige rouw.
    Van de verwerkdwang.
    Van ‘er zo snel mogelijk vanaf moeten’.
    Van de veerkracht-maffia.

    When a grandparent dies

    Dit (werk)boek is een prachtige gids voor ieder die zich afvraagt wat goed is om te doen met kinderen die een ingrijpend verlies lijden.
    Voor ieder die zich afvraagt hoeveel wij, in onze westerse geseculariseerde samenleving, zijn kwijtgeraakt als het gaat om zorgvuldigheid bij rouw.
    Voor wat we kunnen doen – werkelijk kunnen doen – met kinderen die een ingrijpend verlies lijden.

    ISBN

    ISBN-10: 1-879045-44-3
    ISBN-13: 9-781879045-44-6