• | | | | | | | |

    Zelfdoding door een ouder 1

     

     

     

     

     

    ‘Veerkracht?
    Verkracht!’

    Veerkracht

    We zitten aan tafel tijdens de workshop te praten over het gemak waarmee tegenwoordig gepraat wordt over veerkracht. Ik haal de woorden aan van bijzonder hoogleraar gecompliceerde rouw Jos de Keijzer in een interview. Dit interview stond een kleine twee jaar geleden in het Algemeen Dagblad. Aanleiding was het auto-ongeval in Belgie (Nederlands gezin op weg naar vakantiebestemming), waarbij twee jonge kinderen hun beide ouders verloren. ‘We moeten de veerkracht van kinderen niet onderschatten’, aldus deze Jos de Keijzer.

    Verkracht

    Veerkracht? Ik voel me verkracht’, zo reageert P. tijdens ons gesprek aan tafel. P. verloor jong zijn moeder als gevolg van zelfdoding.
    Aan de eerste jaren van zijn leven bewaart P. goede herinneringen. ‘Een gewoon kinderleven’. Rond zijn tiende jaar verandert zijn moeder in een zichtbaar en ervaarbaar depressieve vrouw. Verschillende opnames volgen. ‘Geen idee waar ze dan was. We gingen een keer op bezoek, maar waar dat was? En wat dat was?’
    ‘Een rusthuis’, werd er gezegd. Maar wat was een rusthuis? Wat deed ze daar? Waarom was ze daar?
    Als zijn moeder thuis was, moest P., zo jong als hij was, altijd opletten. Waar was ze? Wat deed ze? Verschillende keren was ze weg. ‘Dan moesten we haar zoeken. Bijvoorbeeld bij het kanaal.’

    Onveiligheid

    Onduidelijkheid.
    Onveiligheid.
    Chaos.
    Altijd alert zijn.
    Voor je moeder zorgen, in plaats van dat zij er voor zorgt dat jij veilig op kunt groeien.

    Grensoverschrijdend gedrag

    Als kind leven in een huis met een ouder/opvoeder die regelmatig dreigt met zelfdoding en/of regelmatig probeert zich het leven te benemen.
    Je staande zien te houden in deze vorm van grensoverschrijdend gedrag door een ouder.
    De laatste poging van zijn moeder is gelukt.
    Na dagen werd ze gevonden, in het kanaal.

    Veerkracht?
    Verkracht, zul je bedoelen!’

  • | | | | | | | | | | | | |

    Jij zegt het

     

     

     

     

     

     

    ‘Je bent gewoon een verschrikkelijk jaloers mens’
    Ik herinner me ze nog goed. Al die keren dat er ‘iets met vrouwen’ was. Mijn reactie daarop. Overvallen door paniek. Angst. Niet meer in staat me ‘normaal’ te gedragen. Geen andere optie dan wachten tot het weer over was. Hopen dat het niet te snel weer zou gebeuren. Gek werd ik ervan.
    Gek werd hij ervan. ‘Je bent gewoon een verschrikkelijk jaloers mens’ was zo ongeveer het enige wat hij als reactie kon verzinnen.
    En ik: ik kon in die tijd niet anders dan tegenwerpen: ‘Ik weet niet of ik een verschrikkelijk jaloers mens ben. Daar kom ik niet eens aan toe. Ik ben voor die tijd al helemaal gek. Er gebeurt iets heel anders met me.’

    Jij zegt het

    Afgelopen dagen las ik het boek van Conny Palmen: ‘Jij zegt het’.
    Jij zegt het‘ gaat over de relatie, en het – korte – huwelijk, van Ted Hughes en Sylvia Plath. Geschreven vanuit het perspectief van Ted Hughes.
    Sylvia Plath, Amerikaans dichteres, schrijfster, echtgenote en moeder van twee hele jonge kinderen verloor op haar achtste haar vader. Haar hele leven is doortrokken van angst. Van paniek. Van fysieke klachten. Van gebrek aan zelfvertrouwen. Van zelfoverschatting. Van zelfmoordpogingen. Van opnames.
    Het turbulente huwelijk met Ted Hughes eindigt per slot als Sylvia Plath op haar dertigste zelfmoord pleegt.

    Tijdens het lezen van dit boek kon ik, hoewel het gedoe in mijn relatie verleden tijd is, weer voelen hoe die angst voelde. Hoe die paniek voelde.
    Hoe het voelt dat je vanuit angst juist dat doet waarmee je creëert waar je het meest bang voor bent: onoverbrugbare afstand. Eenzaamheid. En dus paniek. En dus nog meer eenzaamheid.

    Verlaat Verdriet-thematiek

    Jij zegt het is een mooi geschreven boek, voor de leesvaardige lezer. Het helpt ook als je beschikt over enige algemene ontwikkeling, zodat je het verhaal kunt plaatsen in tijd en ruimte.
    Verlaat Verdriet-thematiek in veel opzichten meer dan volop aanwezig!

    Kraai

    Ook recent verschenen het boek van Max Porter ‘Verdriet is het ding met veren’. Kraai, het ding met veren, komt oorspronkelijk uit het werk van dichter Ted Hughes. ‘Verdriet is het ding met veren’ beschrijft de chaos die ontstaat in een gezin met jonge kinderen, als de moeder plotseling overlijdt.

    De glazen stolp

    In De glazen stolp, het enige (semi-autobiografische) prozawerk van Plath, beschrijft ze haar geschiedenis.

  • | | | | | | | | | |

    Mijn Geheim: interview van Channah Kalmann

    Channah Kalmann interviewt Titia Liese voor Mijn Geheim

    Titia Liese (1949) is acht jaar als haar moeder overlijdt aan de gevolgen van borstkanker. Pas vele jaren later komt ze erachter hoeveel invloed het verlies van haar moeder op haar persoon en haar verdere leven heeft gehad. Verlaat verdriet, noemt ze dat. Nu helpt ze anderen die ook op jonge leeftijd een of twee ouders hebben verloren hun verlaat verdriet te erkennen en een verlaat rouwproces aan te gaan.

    Ze had een fijn leven, Titia Liese. Ze groeide op in Wildervank, Groningen, als oudste kind van liefdevolle ouders, die een goed, harmonieus huwelijk hadden. Ze kozen na de oorlog heel bewust voor kinderen. Linkse idealisten waren het.
    Maar als Titia zes jaar oud is, slaat het noodlot toe. Bij haar moeder wordt borstkanker ontdekt. Haar borst wordt geamputeerd, ze wordt bestraald, maar overlijdt twee jaar later aan de gevolgen van botkanker.

    Titia heeft helemaal geen eigen, innerlijke, herinneringen aan haar moeder. “Dat is ook kenmerkend voor kinderen die op deze leeftijd een ouder verliezen,” vertelt ze. “Er gaat als het ware een deur dicht in je ziel.”

    Lees meer in onderstaand artikel 

     

     

     Mijn Geheim

  • | | | | | | | | | | |

    As in tas

     

     

     

     

     

     

    ‘Maar onze moeder ging dood en mijn vader stond er alleen voor.’

    Vorige week las ik het nieuwe boek van Jelle Brand Corstius: As is tas.
    Prachtig boek, waarin hij vooral de ingewikkelde relatie beschrijft die hij met zijn vader (en enfant terrible) Hugo Brandt Corstius had.
    Op drie-jarige leeftijd verloor Jelle BC (geboren 1978) zijn moeder Henriëtte. 

    Mijn vader stond er alleen voor

    ‘Als je kijkt naar de jeugd van mij en mijn zussen is het eigenlijk een wonder dat we alle drie goed terecht zijn gekomen. Natuurlijk was het niet de keuze van mijn vader om ons op te voeden. Het was onze moeder die kinderen wilde, niet hijzelf, zoals hij ons vaak genoeg vertelde (ook niet echt pedagogisch verantwoord, welbeschouwd).
    Maar onze moeder ging dood, en mijn vader stond er alleen voor.’ 

    Mijn vader zat boven in zijn kamer

    Door het hele boek lees je – en voel je – de eenzame jeugd van dit kind, dat zonder zijn moeder groot heeft moeten worden.
    ‘Over het algemeen was mijn vader behoorlijk afwezig. Op een dag besloot ik met mijn twee zussen weg te lopen. Vanuit ons huis in de Corellistraat liepen we naar de RAI, voor een tienjarige een enorme onderneming naar de rand van het bekende. Bij de RAI concludeerden we dat het toch beter was om terug te gaan, aangezien we niet wisten hoe we verder moesten. Bovendien hadden we ons doel toch al bereikt, door onze vader ongerust te maken. Na twee uur kwamen we weer thuis. Mijn vader zat boven in zijn kamer, en had niets gemerkt.’

    De realiteit van jong ouderverlies

    Aan goedbedoelende adviseurs geen gebrek als het gaat om kinderen en rouw. Maar hoeveel van deze goedbedoelenden hebben contact met de realiteit van jong ouderverlies?
    Hoeveel van hen realiseren zich, dat al die ouders die hun partner verliezen en voor de taak komen te staan hun nog (heel) jonge kinderen alleen op te voeden, niet plotseling veranderen van ouders met hun eigen beschadigingen, hun eigen tekortkomingen, hun eigen blauwe plekken, hun eigen eigenaardigheden, hun eigen rugzak(je) in begenadigde opvoeders?
    Hoeveel van deze goedbedoelenden realiseren zich de realiteit van het dagelijks leven van kinderen die een ouder zijn verloren door de dood?
    ‘Mijn vader zat boven in zijn kamer, en had niets gemerkt.’
    ‘Maar onze moeder ging dood, en mijn vader stond er alleen voor.’